N11/BSW ZIENSWIJZE

De zienswijze is geschreven door een schrijverscollectief uit het buurtschap en wordt in grote getalen door de buurt ondersteund. De zienswijze is in de bestemmingsplanprocedure bij de gemeente ingediend.



Aan de gemeenteraad en aan het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Zoeterwoude

Postbus 34

2380 AA Zoeterwoude

Omwonenden P/A

Datum: 12-03-2023

Betreft: gezamenlijke zienswijze ontwerpbestemmingsplan ongelijkvloerse kruising Burgemeester Smeetsweg-N11

Geachte raad, Geacht college,

Hierbij maken wij, de tot slot van deze zienswijze genoemde omwonenden, onze zienswijze kenbaar met betrekking tot het Ontwerpbestemmingsplan Ongelijkvloerse kruising Burgemeester Smeetsweg-N11 (plannummer: NL.IMRO.0638.BP00021-ONT2; kennisgeving Gemeenteblad 2023, 37355).

Er zijn zes punten waarover wij onze zorgen met u willen delen.

  1. Verkeersintensiteit en verkeersveiligheidDe verwachte toename in verkeer op de Ommedijkseweg, Weipoortseweg en in het verlengde daarvan de Gelderswoudseweg, Broekweg en deels op de Nieuwe weg, Schenkelweg en Zwetkade als gevolg van de realisatie van de ongelijkvloerse kruising, baart ons grote zorgen. In de huidige situatie ervaren omwonenden al ernstige verkeersoverlast (Zie ook de foto’s in bijlage 7). Dit heeft enerzijds te maken met het aantal voertuigen op de weg, anderzijds met het rijgedrag en de verkeerssnelheid. De huidige drukte op het traject wordt voornamelijk veroorzaakt door sluipverkeer tussen Zoetermeer/Benthuizen (N206 en N209) en de N11/A4. Zodra er op de N206 of de N209 een verslechterde verkeerssituatie is, neemt het sluipverkeer direct toe. Het ontwerpbestemmingsplan geeft aan dat er is gekeken naar “het integrale verkeers- en vervoerssysteem” maar dat lijkt betrekking te hebben op de verschillende typen vervoer en niet op de verkeersstromen binnen het gebied tussen Zoetermeer en het plangebied. Die verkeersstromen veroorzaken nu al een grote overlast.
    De huidige ervaren overlast bestaat uit de volgende elementen:
    • Verkeersveiligheid, moeite met veilig oversteken van de weg voor fietsers en voetgangers. Tevens wordt de ventweg soms gebruikt als inhaalstrook als verkeer op de hoofdweg langzaam rijdt. Daarbij worden snelheden tot 60 km/u op de ventweg gehaald, een straatje dat bedoeld is voor bewoners om te kunnen parkeren.
    • Geluidsoverlast, met name van verkeer dat te hard rijdt en van zware voertuigen. Recente geluidsmetingen (zie Bijlage 4 rapport van Omgevingsdienst West-Holland, Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Weipoortseweg, gemeente Zoeterwoude, 24 februari 2021, kenmerk: 2018001768) stellen overschrijdingen van de normen vast, maar aanpassingen van huizen worden niet gedaan, omdat er sprake is van een 30 kilometer-zone.
    • De 30 kilometer-zone wordt niet door de politie gehandhaafd, omdat de weg niet als zodanig is ingericht.
    • Luchtkwaliteit, zowel fijnstof als schadelijke uitlaatgassen. De uitstoot is groter bij hogere snelheden, bij grotere aantallen voertuigen en bij vrachtverkeer.
    • Trillingen, rond de verkeersdrempels veroorzaakt door alle voertuigen, op de rest van het traject met name veroorzaakt door zware voertuigen die te hard rijden. De huizen zijn veelal niet onderheid, waardoor trillingen ernstige verstoring opleveren in huis, alsmede schade aan pleisterwerk.
    • Filevorming op de weg door sluipverkeer, waardoor bewoners vast komen te staan op weg naar hun bestemming of naar huis.
      In de Weipoort is een ‘30-km-zone’ ingesteld en zijn sluizen en drempels aangebracht die de snelheid van het passerende verkeer zouden moeten remmen. Uit onderzoek en uit eigen ervaring blijkt dat slechts 4% van de voertuigen zich aan de snelheid houdt (zie bijlage 1, verkeersonderzoek uitgevoerd door Dufec in september 2019 in opdracht van de gemeente Zoeterwoude). Tevens blijken de sluizen eerder snelheidsbevorderend dan snelheidsbeperkend te werken, omdat veel bestuurders gas bij geven om nog even voor te dringen. De politie handhaaft de 30-kilometerzone niet, omdat de weg daarop niet is ingericht. De 30-kilometerborden hangen er dus betekenisloos en de meeste bestuurders negeren ze dan ook.
      Het is nu al erg druk op de Weipoortseweg, zo blijkt uit de verkeerstelling. Dagelijks rijden er gemiddeld 4500 voertuigen met uitschieters boven de 6000. Uit het verkeersonderzoek van Royal HaskoningDHV (zie bijlage 2, notitie van 15-12-2022, kenmerk BI5904-MI-NT-221215-0941) blijkt dat de toename van motorvoertuigen op de Ommedijkseweg als gevolg van de nieuwe ongelijkvloerse kruising zal toenemen met 15%. Het vrachtverkeer zal toenemen met 30%. Dit zijn aantallen ten opzichte van het referentiejaar 2037 waarin sowieso een autonome groei van verkeer wordt verwacht. We betwijfelen deze inschattingen zeer en vermoeden dat het feit dat het verkeer beter de N11 kan bereiken tot veel meer sluipverkeer zal leiden. Maar zelfs de schattingen van het verkeersonderzoek laten evengoed een verontrustend beeld zien: Ten opzichte van zichtjaar 2024 gaat het om een toename van respectievelijk 17% (MVT) en 53% (vracht). Ten opzichte van de metingen in 2019 gaat het zelfs om een toename van respectievelijk 27% (MVT) en 67% (vracht).De toename is toe te schrijven aan sluipverkeer vanuit het achterland richting N11/A4 en vice versa vanwege de verbeterde doorstroming op de aansluiting van de Ommedijkseweg met de N11.Aangezien omwonenden in de huidige situatie al verkeersoverlast ervaren, is een toename van 27% resp. 67% ontoelaatbaar.
      De Ommedijkseweg en de Weipoortseweg zijn wegen met een landelijk karakter waar de huizen pal aan de weg gebouwd zijn. Zoals ook in gemeentelijk en provinciaal beleid is vastgelegd, moeten deze wegen hun landelijke karakter behouden. Genoemde wegen zijn niet geschikt voor druk verkeer.Door de voorspelde toename van het verkeer op deze landelijke wegen worden deze wegen ook niet veiliger.
      In het verlengde van de genoemde verkeerstoename op de Ommedijkseweg verwacht men dus ook een toename van het verkeer en dus van onveiligheid op de Gelderswoudseweg, Broekweg en op de Nieuwe weg (landelijke wegen). Ook in het dorp kan daarom een toename van verkeer en dus van onveiligheid op de Schenkelweg, Zuidbuurt en Zwetkade verwacht worden.
      Tot op heden heeft de gemeente (anders dan de hiervoor genoemde sluizen en drempels) nagelaten maatregelen te treffen om de veiligheid en overlast aan te pakken. Dat die veiligheid en overlast nu nog erger dreigt te worden, vinden we ontoelaatbaar. Wij verwachten dan ook van onze Gemeente dat er nu wel maatregelen worden getroffen en niet pas nadat er gewonden of ernstiger doden zijn gevallen zoals elders is gebeurd. Maatregelen om het verkeer over de Ommedijkseweg te beperken, beperken niet alleen de overlast maar maken ook de Weipoortseweg en de aansluitende wegen in de polder en op het dorp veiliger. Ten aanzien van de situatie op de N11 in de westelijke richting wordt geen aandacht besteed aan de situatie dat in de spits het gedeelte van de N11 tussen de kruising en de A4 regelmatig vaststaat vanwege het feit dat het verkeer de A4 niet op kan met name in de richting Den Haag. Die situatie betekent dat indien de N11 in de spits overbelast is, er een nieuw verkeersknooppunt bijkomt omdat het verkeer op de oprit vanaf de Burgemeester Smeetsweg in de richting van de A4 dat richting Amsterdam moet, de twee rijstroken richting Den Haag moet kruisen om op de afrit richting Amsterdam te komen. Met de toename van het sluipverkeer zoals hiervoor al opgemerkt, zal die situatie alleen maar verslechteren.
      Wij menen dat de gemeente bij haar afweging te veel uitgaat van verouderde informatie en bovendien de verkeersstromen en de herkomst daarvan onvoldoende heeft onderzocht. Met name het gebruik van de Weipoortseweg als sluiproute richting N11 als alternatief voor de N206 en de N209 zijn niet onderzocht. Slechts de verkeersintensiteit op de Weipoortseweg en de Ommedijkseweg is in 2019 (d.w.z. 4 jaar geleden) onderzocht. Het ontwerpbestemmingsplan zou meer inzage moeten geven inde belangenafweging die de gemeente heeft gemaakt ten aanzien van de ontsluiting van de Grote Polder en de Barre Polder versus de verkeersaanzuigende werking van de betere ontsluiting van de Ommedijkseweg richting N11. Voorts zou het ontwerpbestemmingplan duidelijk moeten maken welke maatregelen worden getroffen om de route vanuit Gelderswoude en de Weipoort richting de N11 te beperken tot bestemmingsverkeer om deze voor het (toenemende) sluipverkeer onmogelijk of onaantrekkelijk te maken. Daarbij dienen de verkeersstromen in een groter gebied te worden onderzocht, zodat duidelijk is hoe de verschillende wegen richting de N11/A4 zich tot elkaar verhouden. Dit sluit daarmee ook aan bij de provinciale omgevingsverordening.Het (gedeeltelijk) ontbreken van zorgvuldige onderzoeken en het ontbreken van een motivatie voor belangenafweging getuigt niet van een goede ruimtelijk ordening en een zorgvuldige belangenafweging.
  2. Sociale veiligheid fietstunnelEen tweede punt waarover wij onze zorgen willen delen betreft de fietstunnel. De nieuwe tunnel die de Ommedijkseweg verbindt met de Burgemeester Smeetsweg wordt 4 tot 5 keer langer dan de huidige tunnel. De sociale veiligheid komt hier in het geding, met name voor (schoolgaande) jeugd en kwetsbare personen. De tunnel is de primaire verbindingsweg om vanuit Leiden/Leiderdorp thuis te komen richting de Weipoort. Een alternatieve route van Leiden naar de Weipoort loopt via de Vrouwenweg, viaduct N206/A4 en vervolgens Molenpad of de Nieuwe Weg. Deze route kent lange stukken onbewoond en stil gebied en is daarom met name ’s avonds en ’s nachts onprettig om te fietsen. De route via de Hoge Rijndijk gaat door bewoond gebied en is daardoor sociaal veiliger. Het huidige tunneltje onder de N11 vormt in deze route het enige knelpunt en blijkt ’s nachts door fietsers vermeden te worden door gebruik te maken van de autoweg. Indien de tunnel vijf keer zo lang wordt, neemt de onveiligheid op dit punt toe en de keuze daarvoor getuigt dus niet van een goede ruimtelijke ordening. Een bovengrondse passage verdient de voorkeur.
  3. PlanschadeAls gevolg van beide bovenstaande punten voorspellen bewoners dat de Ommedijkseweg en het noordelijke deel van de Weipoortseweg minder aantrekkelijke woongebieden zullen worden en dat er waardevermindering zal optreden. De betreffende bewoners zullen planschadeclaims indienen bij de gemeente bij ongewijzigde vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan.
  4. Omgang/participatie direct betrokkenenEr is weinig betrokkenheid geweest van omwonende bij het ontwerpbestemmingsplan. Enkele grondeigenaren hebben pas bij de ter inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan kennis kunnen nemen van de consequenties van de uitvoering van het bestemmingplan voor huneigendommen. De gemeente heeft enkele weken voor de afloop van de zienswijzetermijn een voorlichtingsbijeenkomst georganiseerd. Daar waren geen wethouders en gemeenteraadsleden aanwezig, zodat de bijeenkomst slechts de mogelijkheid gaf om informatie te ontvangen, maar niet om daarover met het gemeentebestuur van gedachten te wisselen. Daaruit maken wij op dat de gemeente kennelijk weinig prijs stelt op participatie van de bewoners in de planvorming. Pas nadat enige bewoners van de Weipoort een bewonersbijeenkomst organiseerden en de wethouders daarvan op de hoogte stelden, zijn er 2 wethouders bij die bijeenkomst aanwezig geweest.Voorzover er al participatie heeft plaatsgevonden, heeft deze voornamelijk plaatsgehad met directe belanghebbenden bij de uitvoering van het plan en niet met de bewoners van “Kroonjuweel Weipoort”.
    Het baart ons grote zorgen dat er nog geen afdoende regeling is getroffen met de bewoners die direct getroffen worden door de aanleg van de ongelijkvloerse kruising over de N11. Twee boerenbedrijven raken grond kwijt. Vooral de boerderij van de familie Zwetsloot dreigt daardoor zoveel aan huiskavels te verliezen dat er grote problemen ontstaan voor de bedrijfsvoering. Er blijft te weinig grond over voor de beweiding van het vee. Ook voor het verlies van grond van de boerderij van familie Spronk is nog geen regeling getroffen. Ook zal de monumentale molen deels uit de wind komen te staan, schade die wat ons betreft vermeden zou moeten worden. Wij vinden het onacceptabel dat de plannen zonder overleg met deze direct betrokkenen tot stand komen en doorgang vinden alvorens er een goede regeling is getroffen. Het ontwerpbestemmingsplan maakt onvoldoende duidelijk hoe de voor de uitvoering van ontwerpbestemmingsplan benodigde grond zal worden verworven. Dat maakt dat er ook vraagtekens gezet kunnen worden bij de uitvoerbaarheid van het ontwerpbestemmingsplan.
  5. Kroonjuweel WeipoortHet landelijke aanzicht van de opgang naar “Kroonjuweel Weipoort” gaat bij ongewijzigde voortgang van de plannen teloor. Het lommerrijke karakter raakt ernstig verstoord door aanleg van de lompe en grootschalige ongelijkvloerse kruising. De opritten worden meer dan 7 meter boven weg-niveau. Dat betekent dat de ophoging ten opzichte van het polderlandschap meer dan 10 meter bedraagt. De monumentale molen verdwijnt daarbij uit het zicht. Met de aanleg gaat wat ons betreft het weidse polderaanzicht verloren en dat is ook volledig in strijd met de doelstellingen voor de Ommedijkseweg en de Weipoort zoals beschreven in het “Beeldkwaliteitplan Landelijk Gebied” dat de gemeente heeft vastgesteld (bijlage 3, pagina 38, 39 en 78). Als bewoners hebben wij geen problemen met de ruimtelijke beperkingen die het zijn van Kroonjuweel met zich meebrengt. De consequentie is evenwel dat wij ook van de gemeente Zoeterwoude en de provincie Zuid-Holland verwachten dat er veel zorgvuldiger met onze omgeving wordt omgegaan dan dat nu gebeurt. Als de aanleg dan zo noodzakelijk is, dan verwachten wij ook een oplossing die meer in lijn ligt met het open landelijke karakter van de omgeving.
    Het ontwerpbestemmingsplan stelt dat de voorgestelde ongelijkvloerse kruising zou passen binnen de provinciale omgevingsverordening en wel binnen het kader inpassing. Dit gaat echter niet op, want het past op geen enkele wijze in de bestaande gebiedsidentiteit. Die is thans kleinschalig en gelijkvloers en voorziet niet in een groot kunstwerk dicht tegen het landelijk gebied. Er is sprake van een transformatie zodat daarvoor een integrale gebiedsvisie moet worden opgesteld.
    Ook wordt gesteld dat de ongelijkvloerse kruising zou passen in de omgevingsvisie van de gemeente Zoeterwoude. Echter ook daar is sprake van een doelredenering omdat daar gesproken wordt van een leefbare gemeente. De vergroting van de leefbaarheid gaat wellicht op voor de kern Zoeterwoude-Rijndijk, maar zeker niet voor het “Kroonjuweel Weipoort”. De gemeente laat “leefbaar Zoeterwoude” prevaleren boven “ruimtelijk Zoeterwoude”, en “natuurlijk Zoeterwoude zonder dat duidelijk is waarom dat zo zou moeten zijn en waarom de leefbaarheid van “Kroonjuweel Weipoort” in dat kader niet relevant is (zoals b.v. de sociale veiligheid van de fietstunnel en deverkeersoverlast op het gebied van geluid en onveiligheid). Het ontwerpbestemmingsplan lijkt meer nadruk te leggen op “bedrijvig Zoeterwoude” nu zo veel nadruk wordt gelegd op de ontsluiting van de Barre Polder en de Grote Polder.
    Bij de variantenstudie wordt met name de nadruk gelegd op de kosten van de tunnel en de technische complicaties, maar niet op de ruimtelijke aspecten daarvan. De ondertunneling lijkt beter aan te sluiten bij het ruimtelijk kader van zowel de provincie Zuid-Holland als de gemeente Zoeterwoude. Daar wordt in het ontwerp bestemmingsplan echter geen aandacht aan besteed.
  6. Landelijke omgeving en NOuitstoot

Het landelijke open weidegebied wordt voor een wezenlijk deel door de boerenbedrijven als onderdeel van hun bedrijfsvoering onderhouden. Deze bedrijven zijn bezorgd over de toename van de uitstoot van NOX (stikstof door voertuigen) veroorzaakt door de grotere verkeersstroom. Ook om deze reden dringen wij aan op maatregelen om het verkeer in de landelijke omgeving te beperken.

De wegen waarop het toenemende verkeer plaats heeft liggen onder andere dicht langs het Natura 2000-gebied De Wilck. De (boeren)bedrijven vrezen dat zij de rekening voor het toenemende verkeer moeten betalen, doordat de extra uitstoot op deze wegen gesaldeerd moet worden ten koste van hun bedrijfsvoering. Wij menen dat die extra stikstofopgave niet tot extra compenserende maatrelen (salderen e.d.) bij de boeren in het gebied mag leiden en helemaal niet als dat ten koste gaat van het open polderlandschap.

Uit het stikstofonderzoek uitgevoerd door Royal HaskoningDHV blijkt dat de aanname wordt gedaan dat het verkeer op de Broekweg en het Weddepad zal afnemen met 250 motorvoertuigen per dag. Dat strookt niet met de bevindingen van Royal HaskoningDHV ten aanzien van de verkeersbelasting en ook niet met de ervaringen van de bewoners ten aanzien van het sluipverkeer vanuit de N209.

Het ontwerpbestemmingsplan is op dit punt dus onzorgvuldig voorbereid. Voor het wegvak van de Weipoortseweg vanaf de Nieuwe Weg wordt een beperkte toename voorzien en voor de Ommedijkseweg richting N11 een significante toename. Onduidelijk is waarop de aanname van een beperkte verkeerstoename is gestoeld nu dit een doorgaande weg is die wordt gevoed vanuit het achterste deel van de Weipoortseweg, het Weddepad en de Nieuwe Weg. Die Nieuwe Weg wordt in het geheel niet in de beoordeling betrokken terwijl dat de aanvoerweg is vanuit de N206. Met name de Broekweg en het Weddepad liggen hemelsbreed op zeer korte afstand van Natura 2000-gebied de Wilck. Nu de aannames in twijfel kunnen worden getrokken, is het de vraag of de daarop gebaseerde AERIUS calculaties vervolgens juist zijn. Bovendien is de AERIUS calculatie gebaseerd op het model 2021, terwijl het gebaseerd had moeten zijn op het model van 26 januari 2023, aangezien het ontwerpbestemmingsplan pas op 31 januari 2023 ter inzage is gelegd. Onduidelijk is waarom de berekening van de stikstofdepositie wel wordt gemaakt voor een aantal gebieden op grote afstand van het plangebied, maar niet voor de Wilck. Ten aanzien van de Natura 2000-gebieden waar een toename van de stikstofdepositie plaatsvindt, wordt voorgesteld deze intern te salderen onder andere door het opheffen van het tankstation aan de Burgemeester Smeetsweg. Echter in het ontwerpbestemmingsplan wordt op verschillende plaatsen opgemerkt “interne saldering PM”, waaruit wij opmaken dat niet duidelijk is of met de opheffing van het tankstation de beoogde interne saldering wel kan worden bereikt. Niet duidelijk is welke maatregelen dienen te worden genomen als de doelstelling niet wordt bereikt. Bij (boeren)bedrijven bestaat de angst dat zij de (stikstof)rekening mogen betalen indien de salderingsdoelstelling niet wordt behaald met het opheffen van het tankstation. Tevens wordt gesproken over een mogelijke externe saldering, echter deze mogelijkheid is door de Raad van State al van de hand gewezen als oplossing voor een te hoge stikstofdepositie.

Wij verzoeken u, op grond van bovenstaande punten, het bestemmingsplan niet vast te stellen, tenzij er tegelijkertijd maatregelen worden getroffen om de genoemde problemen en zorgen te ondervangen. Voor de ondertekenaars van deze zienswijze maakt de toename van de verkeersoverlast en de onveiligheid de plannen in de huidige vorm onacceptabel.

Wij verzoeken u ons bij het verdere verloop van de procedure op de hoogte te houden en ons te laten participeren bij de discussie hierover. Bij voorkeur zouden wij voordat de gemeente haar visie op onze zienswijze publiceert nog met de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders in overleg treden.

Hoogachtend,

De ondergetekenden, bewoners van de Weipoort en Gelderswoude, te weten:
Zie bijlage 5: 225 handtekeningen huis aan huis
Zie bijlage 6: 254 Handtekeningen online petitie